Over een externe wedstrijd uit kunnen meestal twee spannende verhalen worden verteld. De wedstrijd zelf en de reis er naar toe.
Die reis leek aanvankelijk weinig problemen op te leveren. We hadden de speelocatie van De Drie Torens zo gevonden, ruim op tijd en gratis parkeerplaatsen vlak in de buurt. Al was de parkeerplaats waar Ad zijn auto weg wou zetten wel wat krap. Maar Ad is een ervaren autochauffeur en draait zijn hand daar niet voor om. Wachten op de drukke weg tot alle auto's voorbij zijn (duurde op zich al 5 minuten) insteken, oeps, opnieuw, nu wel goed en dan een stuk of 20 keer een klein eindje naar voor en naar achter totdat de auto perfect in het krappe parkeervak staat. Mooi gedaan, Ad! Alleen kwam Bas ons vervolgens vertellen dat we verkeerd zaten. "Die tent is geen denksportcentrum, maar een coffee-shop!" Voor niks zo keurig ingeparkeerd! "Rij maar achter Henk aan, die weet wel waar het wel is." Dus Ad reed Henk achterop, die vervolgens een klein rondje rijdt en... op precies dezelfde plek weer uitkomt! Tja, we moesten kennelijk toch hier zijn. Die coffee-shop waren de buren. Kon Ad op precies dezelfde plaats weer helemaal opnieuw beginnen met inparkeren... Gelukkig is subtiel manoeuvreren in de kleine ruimte Ad wel toevertrouwd. Hij zou later in zijn schaakpartij daar gewoon mee doorgaan.

Op de onderste twee borden zaten twee piepjonge jochies. Exacte leeftijd onbekend, maar in ieder geval nog basisschool. Zij speelden tegen Jan Rijkse en Mark Mathon en werden kansloos geveegd. Het moet wel gezegd worden dat zij gezien hun leeftijd en hun weinige schaakervaring uitzonderlijk goed zaten te spelen. Maar voor het niveau van de 2e klasse kwamen zij duidelijk te kort. Onbegrijpelijk dat ze opgesteld worden in het 3e team van De Drie Torens, terwijl ze ook nog een 4e team hebben, dat in de 3e klasse speelt. Daar waren ze beter op hun plaats geweest en zouden op de onderste borden zelfs nog aardige partijen hebben gehad. Een grappig moment deed zich overigens voor toen Mark en Jan even weg waren en zij uitgebreid elkaars stelling zaten te analyseren en elkaar tips gaven. Een doodzonde in het schaken, maar bij zulke jonge kinderen doet niemand daar moeilijk over. Er werd louter wat vrolijk over gegniffeld.
Ik speelde tegen een iets oudere jongen (een jaar of 14), de oudere broer van de tegenstander van Mark. Ook ik had geen zware middag. Ik zag al binnen 20 zitten een leuke combinatie die me stukwinst opleverde en een stelling die je fluitend uitspeelt. Tot zover het hoofdstuk "De Pion geeft schaakles aan de jeugd."
Imad Abou Dehn trof een volwassen tegenstander, maar hoefde ook niet echt te zweten. Hij won een stuk en snel daarna ook de partij. Pats: 4-0 voor ons. Nog een halfje en de buit was binnen.
Dat halfje kwam niet van Bas Robben, dat was al enige tijd duidelijk. Bas verloor een stuk en kon de boel niet meer rechtzetten. De rest (Ad, Henk en Peter) stonden op dat moment nog redelijk gelijkwaardig in stellingen die nog alle kanten uit konden. Een 4-4 hoorde nog tot de mogelijkheden, hoorde ik Ads tegenstander nog optimistisch roepen aan de bar. Dat was nog om 3 uur, de 3 overgebleven partijen zouden stuk voor stuk nog meer dan 2 uur duren.
En in die 2 uur werd duidelijk dat de matchpunten wel degelijk naar Roosendaal gingen komen. Peter Huijser kreeg een stelling die verdacht riek naar remise, een eindspel met ongelijke lopers, maar ieder nog wel ook een toren. En remise was genoeg. Maar Peter had zijn zinnen op meer gezet en terecht, zo bleek. Zijn stukken stonden beter, hij won een pion, nog één, brak door met een vrijpion en won de partij. Henk Alberts had een pion, die hij geofferd had, teruggewonnen en meteen stortte de stelling van zijn tegenstander als een kaartenhuis in elkaar. Henk won de kwaliteit en won soeverein.
Ad Bruijns bood moedig weerstand aan de sterkste speler van Drie Torens 3 (Rowan Nap met een rating van 1938), maar redde het net niet. In een lastige partij, die na uiterst voorzichtig spel van beiden maar langzaam op gang was gekomen, wist hij een aanval op zijn koningsstelling af te slaan, maar werd er afgewikkeld naar een eindspel waar Ad weliswaar aanvankelijk een pion meer had, maar zijn pionnenstelling zo slecht was dat hij desondanks eigenlijk al verloren stond. Zijn tegenstander maakte geen fout en buitte dat perfect uit.
Saillant detail: het team van De Drie Torens 3, waar wij nu zo makkelijk van wonnen, versloeg wel D4 2, waar wij van hebben verloren. Alleen hadden ze er toen een paar sterke spelers bij, die nu afwezig waren.
 
Overigens is Henk Alberts volgens Netstand topscorer in klasse 2A, met 5 punten na 3 ronden. Knappe prestatie...

De Drie Torens 3 - De Pion 3  2 - 6
Rowan Nap (1938) - Ad Bruijns (1681) 1 - 0
Peter-Paul van der Schoot (1515) - Imad Abou Dehn (1745) 0 - 1
Hans Thönissen (1672) - Henk Alberts (1662) 0 - 1
Tommie van Moorsel (1646) - Bas Robben (1549) 1 - 0
Mark van der Schoot (1062) - Peter Huijser (1617) 0 - 1
Alex Olree (-) - Kees van Hogeloon (1536) 0 - 1
Donald Bötticher (-) - Jan Rijkse (1539) 0 - 1
Stefan Olree (-) - Mark Mathon (1536) 0 - 1

In Oosterhout heerste lange tijd een sombere stemming. "Jullie hadden toch zo'n mooie beker?", werd er regelmatig gevraagd. "Ja, die hadden we", was dan het antwoord. "Maar daar is De Pion nu mee vandoor." De beker werd gemist. De ereplek, die was gereserveerd voor die prachtige beker stond er kaal en verlaten bij. Wat een treurige aanblik... Een poging om de beker te heroveren strandde een paar weken geleden op een haar na. Maar er was een herkansing..
Alles werd op alles gezet. In de eerste ronde trad D4 2 aan met een wat mindere bezetting tegen De Drie Torens 3 om De Pion zand in de ogen de strooien. Het lukte. Bij De Pion 3 dachten ze dat ze D4 2 wel konden hebben. Makkie, zo te zien. Maar daar vergisten de Pionezen zich lelijk in. Want D4 2 kwam met een sterk achttal naar Roosendaal. Voor veel geld werd uit Enschede zelfs Wouter Jans aangetrokken, die de spelers van De Pion bovendien door en door kent. Oud-speler van De Pion, afkomstig uit de jeugd van Eeuwig Schaak en zijn eerste schaaklessen nog gekregen van Cor Lazeroms. Nou ja, eigenlijk is Wouter Jans verhuisd naar Oosterhout en heeft hij zich zelf aangemeld bij D4, maar goed, daar gaat het niet om. Het is in ieder geval een flinke versterking voor de Oosterhouters en dat bleek ook wel.
Het was spannend op alle borden. Op maar liefst 5 borden had dat een remise tot gevolg. In 4 gevallen omdat geen van de spelers beslissend voordeel wist te krijgen. In één geval omdat een speler dacht geen beslissend voordeel te kunnen krijgen. Patrick Heijnen viel in op het 7e bord, kreeg een lastige partij voor de kiezen, waarbij zijn koning stevig onder vuur kwam te liggen, maar verdedigde zich uitstekend en wikkelde af naar een gelijkwaardig eindspel. Zijn tegenstander wist de oppositie te krijgen, maar kwam er niet door en bood remise aan. Kwam er niet door? De koning had eenvoudig de stelling binnen kunnen wandelen en Patricks pionnen eraf kunnen slaan, maar gelukkig voor Patrick zag hij dat over het hoofd, waardoor Patrick een uitstekende invalbeurt wist te bekronen met een half punt.
Op 3 borden ging het mis voor De Pion. Het verhaal van Henk Alberts tegen Wouter Jans en dat van mij tegen Pieter Sandijck leek wel op elkaar. Beiden wisten we ons aardig stand te houden tegen een sterke tegenstander, maar konden niet voorkomen dat we een pionnetje verloren en dat nekte ons in het eindspel. Twee pionnetjes, dat was feitelijk het verschil tussen D4 2 en De Pion 3. Twee pionnetjes, die ons de beker en de matchpunten kostten.
Op het 3e bord waar het mis ging, ging het niet mis. Ad Bruijns moest de kwaliteit geven om erger te voorkomen en probeerde een middag lang remise te keepen in een in principe verloren stelling. Hij deed dat door de stelling op slot proberen te houden, zijn tegenstander (Frans van Gils) wist de boel toch open te breken en toen leek het eind nabij voor Ad. Maar de partij kende een verrassend slot. Ad drong met dame en toren de stelling binnen en zette zijn tegenstander mat. De match was al verloren, maar Ad had met zijn Houdini-act de eer gered en liep de rest van de dag met een big smile rond. Dat doet Ad sowieso al, maar nu was de smile wat bigger dan anders.
En D4 heeft de beker terug. Die zal een prachtig plekje krijgen in de speelzaal van D4, waar iedereen de beker met uitpuilende ogen kan bewonderen en zich af kan vragen hoe zoiets wondermoois in de wereld is gekomen. Ze hebben in ieder geval beloofd het ding niet, zoals de vorige keer, te dumpen in een vuilnisbak in de bosjes...

De Pion 3 - D4 2  3½ - 4½

Ad Bruijns (1681) - Frans van Gils (1781) 1 - 0
Imad Abou Dehn (1745) - Arie van Heeren (1803) ½ - ½
Henk Alberts (1662) - Wouter Jans (1825) 0 - 1
Bas Robben (1549) - Erik Boom (1733) ½ - ½
Kees van Hogeloon (1536) - Pieter Sandijck (1723) 0 - 1
Mark Mathon (1536) - Jolanda van de Ven (1632) ½ - ½
Patrick Heijnen (1297) - Frans Hulsker (1414) ½ - ½
Jan Rijkse (1539) - Wim Maanders (1453) ½ - ½

DSC C – De Pion D

Afgelopen vrijdag, 27 oktober heeft het laatste team van De Pion met 3-1 gewonnen van de Dongense club.

De eerste ronde had DSC C met 4-0 gewonnen van Rode Lopers A, dus onze tegenstander moet zeker niet onderschat worden.  Op sommige borden bleek het ook even spannend te worden.

Bord 1: Imad Abou Dehn  - Xander Mahieu (1363)

Op het hoogste bord werd een scherpe partij gespeeld. In een siciliaanse drakenvariant wist Imad een sterk paard te krijgen op d5. Deze viel een pionnetje aan op e7, waardoor de dame terug moest naar d8 (en dus erg passief werd). Xander ruilde zijn zwartveldige loper af tegen een paard op d4. Hierdoor werd de zwartveldige loper van Imad juist erg sterk. Langzaam trok onze bord 1 speler de partij naar zich toe met een aanval op de zwarte koning. Zijn tegenstander, Xander,  bleef stug doorspelen. In een betere, zo niet gewonnen stelling, sloeg het noodlot opeens toe. Imad blunderde in het eindspel materiaal weg en verloor de partij.

 

Bord 2: Maarten de Kloe (1412) – Koen Riemens

Zelf speelde ik een lastige partij, waar het een tijd lang beide kanten op kon. In een siciliaanse Najdorf rokeerden beide koningen niet. Door middel van een wedstrijdje tussen de g pion van wit en de b pion van zwart stonden er opeens twee stukken in. Maarten sloeg het paard op f6 en sloeg volgende zet met tempo door op g7. Ik zelf sloeg een paard op c3. Wit werd alleen gedwongen pion b3 te spelen aangezien er niet gepakt kon worden op c3 (stond gedekt door een dame op c7).

Met een trucje wist ik een pion in het centrum te winnen. Vervolgens miste ik een zet en kreeg wit weer tegenspel. Er was een lastige stelling ontstaan met actieve dames en onveilig geplaatste koningen. Met een penning wist ik uiteindelijk materiaal te winnen. Maarten bleef nog lang doorspelen in het eindspel, maar werd uiteindelijk toch mat gezet.

 

Bord 3: Henk Alberts – Thijs Kimenai (1133)

Op het derde bord speelde Henk een wat rustigere partij tegen Thijs. Zelf heb ik weinig van de partij mee gekregen omdat ik druk bezig was met mijn eigen partij. In een eindspel met toren + loper tegen toren +loper stonden de stukken van Henk iets actiever. De loper van Thijs stond op de achterste rij en werd een aanvalsdoel voor de witte toren. De loper werd dus aangevallen en moest weg. Helaas zette Thijs deze neer op het verkeerde veld. Met een torenschaakje werd de loper opgehaald en toen konden de stukken gelijk wel in het doosje.

 

Bord 4: Jeroen van Gool – Ger Ijzermans

Op het laatste bord kwam een Caro-Kann op het bord. Ger pakte wat ruimte op de damevleugel. Dit kostte wel wat tijd, waardoor wit iets actievere stukken had. Met een pionoffer werden de zwarte lopers opeens wat actiever. Een paard van wit kwam in de penning te staan. Het paard viel niet meer te dekken, dus werd er een kwaliteit gegeven om uit de penning te komen. Ger weet vervolgens zijn stelling snel te verbeteren. Jeroen gebruikt steeds meer tijd, wat leidde tot een ongelukkige zet. Met een dubbele aanval ontstond er een keuze voor wit: de dame verliezen om mat gezet worden. Punt voor Ger.

 

En zo kwam de uitslag op 3-1. Een winst van de pion viel zeker te verwachten gezien het ratingverschil, maar onze tegenstanders wisten toch een behoorlijke tegenstand te bieden.

Complimenten aan DSC voor de gezelligheid. Zelfs een hond werd meegenomen de speelzaal in als toeschouwer van de partijen.

 

Verslag van DSC valt hier te lezen:

https://www.dscdongen.nl/70-gegevens-over-de-competitie/externdsc-c/1295-dsc-a-de-pion

Gisterenavond, 26 oktober, heeft De Pion C nogmaals laten blijken voor het kampioenschap in klasse A2 te gaan. Onder het toeziend oog van een supporter(!) werd er gewonnen van de Schaakhoeve. 

Dit seizoen is de Pion 4 flink uitgebreid, met 13 spelers zal het af en toe best druk zijn op het reservebankje.
De eerste ronde mochten we tegen het uit de 2e klasse gedegradeerde team, iets waar een vorig seizoen een klein katertje aan over hebben gehouden. Ditmaal was het de Vughtse Toren 2.

Een goede voorbereiding kan wonderen doen, maar vanwege een foutje bij het 'allen beantwoorden' kwam bij de meeste spelers de teamopstelling pas laat aan. Desondanks was de delegatie uit Roosendaal en Belgié op tijd bij de Mac. Op naar het pitoreske Vught.
Ruim op tijd was het complete team bij café van Berkel, zeker een aangename verrassing, aangezien we als schakers vaak aan de late kant zijn.

Laad meer