De Pion 3 speelt in de 5e/6e klasse van de KNSB

1  Erik van Elven
 Imad Abou Dehn
2  Henk Alberts
3  Ad Bruijns
4  Peter Huijser
5  Jacques Smits
6  Bas Robben
7  Mark Mathon (TL)
8  Jan Rijkse
9  Kees van Hogeloon


Ik durf de stelling gerust aan: klasse 2A is de leukste klasse van de NBSB zaterdagcompetitie. Van de 8 teams kunnen er 7 van elkaar winnen of voor hetzelfde geld van elkaar verliezen. Met als gevolg een uiterst spannende competitie met een onvoorspelbaar verloop. En een hoofdrol voor het 3e van De Pion, hoewel ze zelf al een tijdje kansloos waren voor het kampioenschap. Zo versloegen we de vorige ronde Nuenen, de koploper van dat moment, met maar liefst 6½-1½. Voor aanvang van de laatste ronde konden nog 3 teams kampioen worden. Nuenen, HSC 3 en De Baronie 3. Laatstgenoemde was de nieuwe koploper en kon bij winst het kampioenschap vieren. Er was alleen één groot maar. Ze moesten tegen ons. De drakendoders.
Eigenlijk werd, net als in de wedstrijd tegen Nuenen, al snel duidelijk hoe de kaarten lagen. De Baronie 3 ging niet winnen. Nergens stond De Baronie beter, maar op sommige borden wel beduidend slechter. Ad Bruijns en Jan Rijkse deden wat van hen verwacht werden. Remise. Wie van die twee probeert de winst te forceren krijgt het deksel op de neus en kennelijk is dat hun tegenstanders snel duidelijk. Drakendoder Bas Robben was intussen al bezig met een gigantische slachtpartij. Hij mepte zijn tegenstander ongenadig van het bord, won een toren en won moeiteloos. Dat is geen draak doden, dat is hem in mootjes hakken, fileren en er soep van koken. Met een 2-1 voorsprong en gunstige stellingen op de andere borden kreeg ik remise aangeboden en nam die aan. Al moet ik zeggen dat ik door had kunnen spelen tot Sint Juttemis zonder dat er (grove blunders daar gelaten) iets anders had ingezeten in de stelling.
De andere teamleden maakten het keurig af. Peter Huijser pakte met zwart uit met 1...,a6 2...,b5. De St. George. Mensen van mijn leeftijd kennen die opening nog wel. Hij was in de jaren '80 even heel polupair toen Anthony Miles daarmee won van Anatoli Karpov. St. George heet in het Nederlands Sint Joris. Geen betere opening om een draak mee te verslaan. En dat bleek: Peter won een pion en verzilverde dat in het eindspel.Dat eindspel was nog wel lastig: paard + 2 pionnen tegen paard + 1 pion. Eén keer pion afruilen, het paard tegen de andere pion afruilen en het is remise. Peter wist dat op briljante wijze te voorkomen en voerde het eindspel tot winst.
Ook Imad Abou Dehn had een pion gewonnen. In het eindspel pakte hij er nog een pion bij en won. Daarmee was de 4½ voor ons binnen en het pleit beslecht. Het teken voor Jacques Smits en zijn tegenstander om de vrede te tekenen en remise overeen te komen. De stelling was ernaar, maar de tegenstander van Jacques kon daarvoor gezien de stand in de wedstrijd geen remise aannemen.
Henk Alberts was de enige die het niet redde. Hij verloor de kwaliteit en de beste aanvalskansen waren voor zijn tegenstander. De laatste stuiptrekking van de reeds gesneuvelde draak.
Het verlies van De Baronie 3 betekende niet dat ze daarmee meteen het kampioenschap konden vergeten, al was de kans erg klein. Nuenen en HSC 3 zouden dan niet moeten winnen. Later bleek dat Nuenen had gewonnen en De Baronie 3 voorbij was gegaan. Maar wat had HSC 3 gedaan? Zij moesten in Oosterhout spelen tegen D4 2 en iedereen was benieuwd wat daar was gebeurd. Onze teamcaptain Mark Mathon zette de uitslag onmiddellijk na afloop op internet. Zo hoort het. De uitslag van D4 2 - HSC 3 was pas zondagochtend te zien op de NBSB-site. Jammer, dat had sneller gemoeten. Uitslag was 4-4 en daarmee is Nuenen alsnog kampioen. De Pion 3 heeft de meeste bordpunten, maar is desondanks slechts 4e. Ook wel bijzonder.
Ad Bruijns drukte mij op het hard dat het woord "drakendoders" toch zeker in mijn stukje moest staan. Had ik al gezegd dat De Pion 3 drakendoders zijn? Ik denk het wel, maar voor de zekerheid toch nog maar eens: wij zijn de DRAKENDODERS!

De Pion 3 - De Baronie 3 5 - 3

Imad Abou Dehn (1726) - Alex Crane (1741) 1 - 0
Ad Bruijns (1688) - Marc Ermes (1609) ½ - ½
Henk Alberts (1673) - Michiel Stafleu (1688) 0 - 1
Bas Robben (1525) - Frank van Duuren (1625) 1 - 0
Jacques Smits (1551) - Kees de Leeuw (1559) ½ - ½
Kees van Hogeloon (1526) - Jan-Leendert Dogterom (1519) ½ - ½
Peter Huijser (1605) - Ron Graumans (1455) 1 - 0
Jan Rijkse (1533) - Nico Zaal (1370) ½ - ½

Eindstand in klasse 2A

1. Nuenen 1 - 11 (31½)
2. De Baronie 3 - 10 (33)
3. HSC 3 - 10 (30)
4. De Pion 3 - 9 (35)
5. D4 2 - 7 (27½)
6. BSV 4 - 5 (26)
7, De Drie Torens 3 - 4 (24)
8. De Raadsheer 3 - 0 (17)

 

 

Met twee teams togen we zaterdag 10 maart naar Nuenen bij Eindhoven om het daar op te nemen tegen de plaatselijke schaakvereniging. De Pion 4, het team van de jonkies (waar ik gemakshalve Theo Potjes dus ook maar even toereken) en De Pion 3, het "ouwelullenteam". Jonge schakers zijn altijd snel klaar met hun partij, de oudere spelers blijven veel langer doorspelen. Een vooroordeel? Kennelijk niet helemaal, want zie: De Pion 4 was al helemaal klaar met de wedstrijd, terwijl bij De Pion 3 alle partijen nog bezig waren. Wel was toen al duidelijk dat het lekker ging met De Pion 3 en werden de gezichten bij Nuenen steeds somberder.
Nuenen 1 was voorafgaand aan de wedstrijd tegen De Pion 3 koploper. Maar dat Nuenen het moeilijk tegen ons zou krijgen was al snel duidelijk. Al snel veranderden de Nuenense stellingen in krakkemikkige gatenkaas-stellingen en stonden de Pionezen uiterst comfortabel. En later sneuvelden ook de Nuenense stukken en masse.
Ad Bruijns zag het gebeuren en besloot de eerste uitslag te noteren. Remise. Hij had er alle vertrouwen in dat de rest wel een positief saldo zou neerzetten. Terecht, zo bleek. De Nuenense kampioenschapsdroom werd hardhandig aan gort gemept.
Jacques Smits won een kwaliteit en een stuk, waarna zijn tegenstander meteen opgaf. Henk Alberts viel binnen met dame en toren en pakte eveneens het volle punt. Erik van Elven, invaller op bord 1 (wat een luxe, zo'n invaller!) mepte zijn tegenstander genadeloos van het bord af. Imad Abou Dehn won een stuk en daarna was het eindspel een eitje. Stand: 4½-½ voor ons en de winst was al binnen. Bas Robben had een pion gewonnen, zijn tegenstander probeerde de zaak recht te trekken met een paar kansloze offers en daarna maakte Bas het simpel uit: 5½-½. Wat een sensatie!
Alleen op bord 7 en 8 ging het wel goed met Nuenen. Op beide borden stond Nuenen gewonnen, maar ook daar wonnen ze niet. De tegenstander van Mark Mathon had 3 pionnen gewonnen, zag even niet hoe hij verder moest en... bood remise aan! Mark Mathon verbeterde het wereldrecord snel remise-aanbod aannemen en zat nog even verbaasd naar zijn stelling te kijken, die toch echt straal verloren was. Met mij ging het ook niet zo lekker: ik verloor een pion, had een lelijke dubbelpion, mijn loper kon de hele partij niks en tot overmaat van ramp kwamen ook nog een toren en dame mijn koning belagen. Maar ik had wel een gevaarlijk vrijpionnetje. Het slot van de partij was bijzonder. Mijn dame liet zich gewillig nemen, zodat mijn vrijpionnetje heel ongemerkt naar de 7e rij sloop en niet meer te stoppen was. Met eeuwig schaak kon mijn tegenstander het nog remise houden, een uitslag waar ik gezien de rest van de partij heel tevreden mee was.
Eindstand 1½-6½. Een treurig verdict voor Nuenen. Twee teams van Nuenen speelden tegen teams van De Pion en aan het eind van de middag was Nuenen op geen enkel bord tot winst gekomen. Na het verlies tegen ons is Nuenen 1 koploper af en neemt De Baronie 3 de kop over. En in de laatste ronde spelen die tegen... De Pion 3!

Nuenen 1 (1626) - De Pion 3 (1633) 1½ - 6½

Léon Driessen (1720) - Erik van Elven (1834) 0 - 1
John Vonk (1739) - Imad Abou Dehn (1726) 0 - 1
Joop Bongers (1670) - Ad Bruijns (1688) ½ - ½
Hans Keijzers (1616) - Bas Robben (1525) 0 - 1
Robert Hempelman (1579) - Henk Alberts (1673) 0 - 1
Bas Neggers (1596) - Jacques Smits (1551) 0 - 1
Hans Reusink (1550) - Kees van Hogeloon (1528) ½ - ½
Peter-Paul Geluk (1539) - Mark Mathon (1539) ½ - ½

Een wedstrijd tussen De Pion en BSV heeft altijd iets extra's. Nu werd de wedstrijd tussen De Pion 3 en BSV 4 ook nog net voor carnaval gespeeld. De Tullepetaone tegen de Krabben dus, thuis in Tullepetaonestad in een zaal die de sfeer van carnaval al uitademde. De Krabben lieten zich er niet door imponeren; we zouden een zware middag krijgen.

Over een externe wedstrijd uit kunnen meestal twee spannende verhalen worden verteld. De wedstrijd zelf en de reis er naar toe.
Die reis leek aanvankelijk weinig problemen op te leveren. We hadden de speelocatie van De Drie Torens zo gevonden, ruim op tijd en gratis parkeerplaatsen vlak in de buurt. Al was de parkeerplaats waar Ad zijn auto weg wou zetten wel wat krap. Maar Ad is een ervaren autochauffeur en draait zijn hand daar niet voor om. Wachten op de drukke weg tot alle auto's voorbij zijn (duurde op zich al 5 minuten) insteken, oeps, opnieuw, nu wel goed en dan een stuk of 20 keer een klein eindje naar voor en naar achter totdat de auto perfect in het krappe parkeervak staat. Mooi gedaan, Ad! Alleen kwam Bas ons vervolgens vertellen dat we verkeerd zaten. "Die tent is geen denksportcentrum, maar een coffee-shop!" Voor niks zo keurig ingeparkeerd! "Rij maar achter Henk aan, die weet wel waar het wel is." Dus Ad reed Henk achterop, die vervolgens een klein rondje rijdt en... op precies dezelfde plek weer uitkomt! Tja, we moesten kennelijk toch hier zijn. Die coffee-shop waren de buren. Kon Ad op precies dezelfde plaats weer helemaal opnieuw beginnen met inparkeren... Gelukkig is subtiel manoeuvreren in de kleine ruimte Ad wel toevertrouwd. Hij zou later in zijn schaakpartij daar gewoon mee doorgaan.

Op de onderste twee borden zaten twee piepjonge jochies. Exacte leeftijd onbekend, maar in ieder geval nog basisschool. Zij speelden tegen Jan Rijkse en Mark Mathon en werden kansloos geveegd. Het moet wel gezegd worden dat zij gezien hun leeftijd en hun weinige schaakervaring uitzonderlijk goed zaten te spelen. Maar voor het niveau van de 2e klasse kwamen zij duidelijk te kort. Onbegrijpelijk dat ze opgesteld worden in het 3e team van De Drie Torens, terwijl ze ook nog een 4e team hebben, dat in de 3e klasse speelt. Daar waren ze beter op hun plaats geweest en zouden op de onderste borden zelfs nog aardige partijen hebben gehad. Een grappig moment deed zich overigens voor toen Mark en Jan even weg waren en zij uitgebreid elkaars stelling zaten te analyseren en elkaar tips gaven. Een doodzonde in het schaken, maar bij zulke jonge kinderen doet niemand daar moeilijk over. Er werd louter wat vrolijk over gegniffeld.
Ik speelde tegen een iets oudere jongen (een jaar of 14), de oudere broer van de tegenstander van Mark. Ook ik had geen zware middag. Ik zag al binnen 20 zitten een leuke combinatie die me stukwinst opleverde en een stelling die je fluitend uitspeelt. Tot zover het hoofdstuk "De Pion geeft schaakles aan de jeugd."
Imad Abou Dehn trof een volwassen tegenstander, maar hoefde ook niet echt te zweten. Hij won een stuk en snel daarna ook de partij. Pats: 4-0 voor ons. Nog een halfje en de buit was binnen.
Dat halfje kwam niet van Bas Robben, dat was al enige tijd duidelijk. Bas verloor een stuk en kon de boel niet meer rechtzetten. De rest (Ad, Henk en Peter) stonden op dat moment nog redelijk gelijkwaardig in stellingen die nog alle kanten uit konden. Een 4-4 hoorde nog tot de mogelijkheden, hoorde ik Ads tegenstander nog optimistisch roepen aan de bar. Dat was nog om 3 uur, de 3 overgebleven partijen zouden stuk voor stuk nog meer dan 2 uur duren.
En in die 2 uur werd duidelijk dat de matchpunten wel degelijk naar Roosendaal gingen komen. Peter Huijser kreeg een stelling die verdacht riek naar remise, een eindspel met ongelijke lopers, maar ieder nog wel ook een toren. En remise was genoeg. Maar Peter had zijn zinnen op meer gezet en terecht, zo bleek. Zijn stukken stonden beter, hij won een pion, nog één, brak door met een vrijpion en won de partij. Henk Alberts had een pion, die hij geofferd had, teruggewonnen en meteen stortte de stelling van zijn tegenstander als een kaartenhuis in elkaar. Henk won de kwaliteit en won soeverein.
Ad Bruijns bood moedig weerstand aan de sterkste speler van Drie Torens 3 (Rowan Nap met een rating van 1938), maar redde het net niet. In een lastige partij, die na uiterst voorzichtig spel van beiden maar langzaam op gang was gekomen, wist hij een aanval op zijn koningsstelling af te slaan, maar werd er afgewikkeld naar een eindspel waar Ad weliswaar aanvankelijk een pion meer had, maar zijn pionnenstelling zo slecht was dat hij desondanks eigenlijk al verloren stond. Zijn tegenstander maakte geen fout en buitte dat perfect uit.
Saillant detail: het team van De Drie Torens 3, waar wij nu zo makkelijk van wonnen, versloeg wel D4 2, waar wij van hebben verloren. Alleen hadden ze er toen een paar sterke spelers bij, die nu afwezig waren.
 
Overigens is Henk Alberts volgens Netstand topscorer in klasse 2A, met 5 punten na 3 ronden. Knappe prestatie...

De Drie Torens 3 - De Pion 3  2 - 6
Rowan Nap (1938) - Ad Bruijns (1681) 1 - 0
Peter-Paul van der Schoot (1515) - Imad Abou Dehn (1745) 0 - 1
Hans Thönissen (1672) - Henk Alberts (1662) 0 - 1
Tommie van Moorsel (1646) - Bas Robben (1549) 1 - 0
Mark van der Schoot (1062) - Peter Huijser (1617) 0 - 1
Alex Olree (-) - Kees van Hogeloon (1536) 0 - 1
Donald Bötticher (-) - Jan Rijkse (1539) 0 - 1
Stefan Olree (-) - Mark Mathon (1536) 0 - 1

Laad meer